Onder de noemer Zwerfhond schrijft Utrechter Raymond Taams onregelmatig korte columns, die hij in viertallen - een hond heeft immers vier poten - op Nieuws030 publiceert.
   

Oudtestamentisch (24-04-24)

Omdat we leven in een oudtestamentische tijd, voelt het extra onplezierig wanneer het oudtestamentisch weer is. Oudtestamentisch weer komt voor in de maanden maart, april en mei, als de zon aan kracht wint en het verlangen naar een mooie lentedag realistisch lijkt.

Grillig en wreed is de God van het Oude Testament, precies zo gedragen de weergoden zich op een dag met oudtestamentisch weer. Zachte lucht en vogelzang opsnuivend wandel je naar de supermarkt, om op de terugweg gegeseld te worden door koude wind en hagelstenen.

Toen het nog gezellig was in Nederland viel oudtestamentisch weer goed te verdragen. Je nam een paraplu mee en accepteerde dat de lente aarzelde. Nu de strijd om het bestaan met de dag grimmiger wordt, zijn plotseling opdoemende dreigende donderwolken te zeer een metafoor.

Gelukkig ben ik als opportunistische Nederlander immer te porren voor op niets gebaseerd optimisme. Het wordt vast heel snel zomer. 

   

Intenties (25-04-24)

Ik overweeg de Partij Met Slechte Intenties (PMSI) op te richten. In tegenstelling tot hun collega’s van de gevestigde partijen praten politici van de PMSI niet voor draaiende camera’s over ‘wat goed is voor Nederland’. De term ‘landsbelang’ bezigen ze slechts in de context van maatregelen die ons Koninkrijk nog sneller naar de filistijnen helpen.

Omdat het leven is wat je gebeurt terwijl je andere plannen maakt – ik leen de zin van John Lennon en de vertaling van Acda & De Munnik – is het resultaat waarschijnlijk verrassend positief, bijvoorbeeld doordat het ronduit boosaardige programma van de PMSI voorziet in de sloop van ontelbare graai-ondernemingen die zich tussen overheid en burger gewurmd hebben.

Het spoor van vernieling dat een eventuele PMSI-regering trekt in de wereld van adviesbureaus, zorgondernemers en sociale-instellingen-met-stiekem-een-bv’tje-erachter zal zo reusachtig zijn, dat een Derde Wereldoorlog misschien niet eens meer nodig is om de volledig vastgeroeste Nederlandse samenleving te resetten.

 

Stickers (30-04-24)

“Mwoajah… dat moet ik even voor je vragen… soms doen ze moeilijk…”, antwoordt de bewaker van het buurtcentrum met een schijnbaar van pijn vertrokken gezicht als ik vraag of ik een stapeltje stickers mag neerleggen ter promotie van het festival dat we binnenkort organiseren.

Op zulke momenten zakt de moed mij in de schoenen. Hoe gaan we in Nederland gezamenlijk ooit nog iets groots tot stand brengen wanneer er voor het neerleggen van pakweg dertig stickers overleg nodig is?

Na enkele minuten komt de bewaker terug met goed nieuws, de stickers krijgen een plek op een tafel met folders en gratis kranten. “Ik hoop dat het een succes wordt”, glimlacht hij.

Het lijkt me een aardige vent, waarmee ik prima bier kan drinken op ons festival terwijl we lachen om de krankzinnige controle- en regelzucht in Nederland. Voordat dit eventueel gebeurt, moet er natuurlijk keurig zijn voldaan aan allerlei veiligheidsvoorschriften.

  

Onderwerp (05-05-24)

'Verdomme, waar is de kat als je hem nodig hebt', denk ik wanneer er plotseling een muis over het tapijt kruipt. Het is zondagmiddag, ik ben alleen thuis en probeer in de woonkamer te mediteren. Mijn onrust bij het waarnemen van een muis verraadt dat ik nog een lange weg te gaan heb voordat ik mijzelf één voel met de gehele natuur.

Natuurlijk, ik ben dat knaagdier en hij is mij, alleen beseft hij dat beter dan ik, want hij besnuffelt volkomen op zijn gemak het vloerkleed, terwijl ik naar de bovenste verdieping van het huis vlucht.

Mokkend neem ik in een soort van meditatiehouding plaats op een kussen op zolder. Ik weet best dat dat mediteren van mij niks voorstelt, het enige wat ik doe is een uur lang mijn gedachten de vrije loop laten, in de hoop dat er een aardig onderwerp voor een column of zoiets voorbijschiet.